Boek
Nederlands

Woutertje Pieterse

Multatuli (auteur)

Woutertje Pieterse

In de reeks:
Genre:
Woutertje Pieterse is een dromerige Amsterdamse jongen uit het begin van de 19e eeuw. Hij zet zich voortdurend af tegen het kleinburgerlijk milieu waar hij vandaan komt. Bewerkt voor hedendaagse lezer door Ivo de Wijs. Vanaf ca. 14 jaar.
Titel
Woutertje Pieterse
Auteur
Multatuli
Taal
Nederlands
Editie
4
Uitgever
Amsterdam: Contact, 1995
627 p.
ISBN
90-254-5584-0

Besprekingen

Verspreid over de zeven bundels Ideeën die Multatuli tussen 1862-1865 en 1873-1877 schreef, wordt het verhaal verteld van Woutertje Pieterse. Hoewel de auteur er steeds voor gepleit heeft het verhaal niet te isoleren uit de duizenden 'Ideeën' die hij noteerde, lag het voor de hand dat het verhaal over de dromerige Amsterdamse jongen als een geheel zou worden gepresenteerd. Onder meer Garmt Stuiveling deed het Ivo de Wijs voor. Volgens De Wijs is het bijna 600 pagina's lange verhaal te breedvoerig om de moderne lezer nog te raken. Daarom heeft hij in zijn bewerking een gerichte keuze gemaakt die de lotgevallen van Woutertje best tot hun recht laten komen. In het 19e-eeuwse Amsterdam wordt de jongen geconfronteerd met het burgerlijke milieu, waar de schijn van gelovigheid en fatsoen hoog in het vaandel worden gedragen. Zelf gedraagt hij zich, o.m. in zijn verliefdheid op het meisje Femke, als de koene ridder van de oprechtheid en eerlijkheid.

Los van de impliciete verwijzi…Lees verder
Verspreid over de zeven bundels Ideeën die Multatuli tussen 1862-1865 en 1873-1877 schreef, wordt het verhaal verteld van Woutertje Pieterse. Hoewel de auteur er steeds voor gepleit heeft het verhaal niet te isoleren uit de duizenden 'Ideeën' die hij noteerde, lag het voor de hand dat het verhaal over de dromerige Amsterdamse jongen als een geheel zou worden gepresenteerd. Onder meer Garmt Stuiveling deed het Ivo de Wijs voor. Volgens De Wijs is het bijna 600 pagina's lange verhaal te breedvoerig om de moderne lezer nog te raken. Daarom heeft hij in zijn bewerking een gerichte keuze gemaakt die de lotgevallen van Woutertje best tot hun recht laten komen. In het 19e-eeuwse Amsterdam wordt de jongen geconfronteerd met het burgerlijke milieu, waar de schijn van gelovigheid en fatsoen hoog in het vaandel worden gedragen. Zelf gedraagt hij zich, o.m. in zijn verliefdheid op het meisje Femke, als de koene ridder van de oprechtheid en eerlijkheid.

Los van de impliciete verwijzi…Lees verder
Na Max Havelaar is Woutertje Pieterse de meest gelezen tekst van Multatuli. De roman is niet als een eenheid gecomponeerd; fragmenten van de roman liggen verspreid in een verzameling verhandelingen, Multatuli's Ideeën. Woutertje Pieterse is het verhaal van een gevoelige jongen die opgroeit in een burgerlijk 19e-eeuws milieu. Het is de eerste roman over de ontwikkeling van een jongensziel. Een veelgeroemd boek, dat slechts weinigen helemaal hebben gelezen. Na een sprankelend begin wordt de roman door allerlei ingevoegde beschouwingen wijdlopig en de intrige ondoorzichtig. Een slot ontbreekt. Ivo de Wijs heeft deze tekortkomingen aangepakt. Hij bracht de editie Stuiveling (1950) tot minder dan de helft van de oorspronkelijke omvang terug, moderniseerde het taalgebruik en schreef een mooi slothoofdstuk. De Multatuliaanse stijl en de 19e-eeuwse sfeer zijn daardoor grotendeels verdwenen, maar De Wijs heeft er een zeer leesbare roman van gemaakt. De kern van Multatuli’s roman bleef behouden…Lees verder

Over Multatuli

Eduard Douwes Dekker (Amsterdam, 2 maart 1820 – Ingelheim am Rhein, 19 februari 1887) was een Nederlandse auteur en bestuursambtenaar die vooral bekend is geworden vanwege zijn roman Max Havelaar, of De koffij-veilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappij, die in 1860 verscheen onder het pseudoniem Multatuli (Latijn voor 'ik heb veel (leed) gedragen' [=multa tuli]). Hij schreef ook toneelstukken, pamfletten - soms in briefvorm - en aforismen.

Douwes Dekker groeide op in Amsterdam en trok in 1838 met zijn vader naar Batavia in Nederlands-Indië (het tegenwoordige Indonesië), waar hij in 1839 een baan als ambtenaar verwierf. Daar zag hij de vele wantoestanden onder verantwoordelijkheid van het Nederlandse koloniale bewind.

Zijn debuutroman, de kaderroman Max Havelaar, hekelt op basis van zijn eigen ervaringen de behandeling van de plaatselijke bevolking door Nederlandse en Nederlands-Indische bestuurders. De van 1862 tot 1877 verschen…Lees verder op Wikipedia